15-10-2026

Aan boord bij PIANC NL: Witteveen+Bos

Van haveninfrastructuur en scheepvaartwegen tot biodiversiteit en verduurzaming: Witteveen+Bos werkt wereldwijd aan uiteenlopende waterbouwkundige projecten. Het ingenieursbureau is niet alleen lid, maar ook partner van PIANC Nederland. Menno Fousert, Head PMC Port Structures & Design bij Witteveen+Bos, vertelt over de betrokkenheid bij het netwerk en de uitdagingen voor de komende jaren.

Waar werkt jullie organisatie aan?

Als ingenieursbureau werkt Witteveen+Bos internationaal aan uitdagende projecten die te maken hebben met delta’s, kusten, haveninfrastructuur, rivieren en scheepvaartwegen. Ons werk omvat het gehele werkveld, van masterplanstudies tot uitvoeringsontwerp en directievoering en toezicht.

Waarom is PIANC Nederland voor jullie een relevant netwerk?

PIANC Nederland is een belangrijk netwerk waar veel bedrijven, kennisinstituten en overheidsorganisaties samenkomen, elkaar ontmoeten en kennis delen. Dit is in het bijzonder voor een waterbouwland als Nederland belangrijk om voorop te blijven lopen.

Welke kennis of praktijkervaring brengen jullie mee in het PIANC-netwerk?

De kennis en ervaring die we meenemen en inbrengen in commissies, richten zich met name op het ontwerp van grote haveninfrastructurele werken en de overgang van ontwerp naar uitvoering, maar ook op biodiversiteit en verduurzaming.

Zijn jullie betrokken bij PIANC-werkgroepen, rapporten of events? Zo ja, op welke manier?

Ja, we leveren experts voor werkgroepen die werken aan relevante onderwerpen, zoals momenteel offshore wind ports (WG 269) en de effecten van watertransport op biodiversiteit (WG 267).

Als je één PIANC-rapport zou aanraden aan collega’s, welk zou dat dan zijn?

Als ontwerpers van haveninfrastructuur zijn er tal van PIANC-rapporten waar we gebruik van maken, maar bovenop liggen vaak wel de Fender Guidelines (WG 211). Veel praktisch toepasbare informatie met een uitgebreide onderbouwing.

Welk thema binnen havens, vaarwegen of watergebonden infrastructuur vraagt volgens jullie de komende jaren meer aandacht? En waarom?

Veel haveninfrastructuur is aan het einde van haar (economische) levensduur, maar verkeert vaak nog in betrekkelijk goede staat. Tevens verandert gedurende de levensduur het gebruik en daarmee veranderen ook de eisen die aan de infrastructuur worden gesteld. We zien in toenemende mate vraag naar levensduurverlengende maatregelen en onderhoud die voorkomen dat sloop en nieuwbouw nodig zijn. Het gebruik van monitoringsdata is daarbij ook belangrijk. Aandacht voor het slim inzetten van monitoring in haveninfrastructuur biedt kansen om het gebruik te optimaliseren en haveninfrastructuur duurzamer te maken.

Welke internationale kennis zou in Nederland beter benut kunnen worden?

In het buitenland worden vaak heel andere technieken en methoden toegepast. Kennisuitwisseling en het uitwisselen van ervaringen zijn geweldig leerzaam en zorgen voor een breder blikveld.

Welk Nederlands vraagstuk verdient volgens jullie een plek op de internationale PIANC-agenda?

Duurzaam materiaalgebruik in havenconstructies. We merken dat met soms kleine aanpassingen in voorschriften of ander materiaalgebruik een aanzienlijke winst behaald kan worden in zowel staal- als cementgebruik. In Nederland wordt dit al veelvuldig toegepast of in de praktijk getest. We merken dat hiervoor internationaal steeds meer aandacht komt, maar dat Nederlandse havens op een aantal vlakken vooroplopen.

Wat maakt internationale samenwerking in jullie vakgebied onmisbaar?

Internationaal worden veel verschillende technieken toegepast en is uiteenlopende expertise aanwezig. Door samenwerking kunnen ervaringen en expertise worden uitgewisseld. Als het bijvoorbeeld gaat om bouwen in harde, steenachtige of aardbevingsgevoelige gebieden, valt er voor Nederlandse ingenieurs vaak veel te leren van collega’s uit landen waar dit voorkomt.

Wat zou je andere professionals willen meegeven over deelname aan PIANC Nederland?

PIANC biedt een leuk en interessant netwerk en een platform met een inhoudelijke basis dat kennis en ontmoeting samenbrengt. Het is heel prettig om collega’s uit de branche in verschillende settings te ontmoeten en samen te kunnen werken aan mooie richtlijnen die de branche een stapje verder helpen.